De familienaam Boef heeft niets te maken met een crimineel verleden. Alhoewel…

VanDale.nl: boef de; m,v boeven schurk
De familienaam Boef heeft niets te maken met een crimineel verleden. Alhoewel… de hier afgebeelde Jan Boef (1863-1940) werd ten minste vijf maal veroordeeld voor landloperij en bedelen. Deze foto is van hem gemaakt toen hij in 1896 in Den Haag was opgepakt en naar de gevangenis in Veenhuizen (Drenthe) werd gestuurd.
Maar nee, de familienaam werd al vele eeuwen voor deze Jan geboren werd in Nederland gebruikt.
Winkler schreef aan het eind van de 19e eeuw: “Dat iemand niet geerne Boef heet en dus pogingen aanwendt om dien leeliken naam te verbloemen, kan ik my voorstellen. Intusschen, de hedendaagsche beteekenis van dit woord ligt geenszins in de geslachtsnamen De Boeve, Den Boef en Boef opgesloten. Dit woord had oudtijds een andere, gunstigere beteekenis”
“Boeve was oorspronkelijk een benaming voor ‘knecht’, in het bijzonder een ‘trosknecht’ (pakknecht in het leger)”, meldt Otten een eeuw later.
Wellicht mede door de tegenwoordige betekenis, dienden meerdere mensen met de naam (den) Boef een verzoek in om hun naam te mogen wijzigen in. Zij gaan voortaan door het leven als onder meer: Beuf, Bohan, Bolinge, Bomar, Bouffaer, Boving, Verbossche en Verhoeff.
Vermeldingen
- “Adam Boef belooft te betalen aan Embrecht Gent van Oesterwijc priester”, in Oisterwijk (1329)
- “Cornelis Dirricks die Bouve”, in Benschop (1549)
- “Wouter Wilmss. Boef” in Geertruidenberg (1556)
- “Claes Jansen Boeve, eijgenr en gebruijcker van huijs en hof”, in Wapenveld (1648)
Bronnen
Winkler, J. (1885) De Nederlandsche geslachtsnamen in oorsprong, geschiedenis en beteekenis. Haarlem : H.D. Tjeenk Willink
Otten, D. (1985) Geschiedenis van de familienamen in Heerde. De Walburg Pers.